• Home
  • Josephine moest haar zus missen. "We waren te hecht, zeiden ze. Is dat erg?"

Families in België

Josephine moest haar zus missen. "We waren te hecht, zeiden ze. Is dat erg?"

Dat broers en zussen samen opgroeien, lijkt vanzelfsprekend, maar is het niet. Zeker niet als we het hebben over kinderen in de Vlaamse jeugdzorg. Uit onze recente peiling blijkt dat 3 op 4 van de bevraagde jongeren niet samen opgroeide met één of meerdere broers of zussen. Josephine (22) is één van hen.

Josephine

Thuis liep het al lang moeilijk. Dat is zacht uitgedrukt, maar het volstaat om een harde periode te omschrijven. Zes jaar geleden moesten Josephine en haar zus daarom voor een korte ­periode naar een jeugdhulpvoor­ziening. Kort werd lang: ze zouden er blijven tot ze meerderjarig waren.

Josephine: ‘Je moet niet alleen je thuis achterlaten, plots blijkt dat je ook van je zus gescheiden wordt’, vertelt Josephine. ‘Dat was hard, we waren het gewoon om samen te zijn. Als mensen mijn of haar naam riepen, keken we allebei om, zo hecht waren we. In een periode waarin je ontzettend kwetsbaar bent, wil je bij je zus zijn.’

In de vier jaar dat ze in een voorziening verbleef, zag Josephine veel broers en zussen van elkaar vervreemden. ‘Je wordt niet geholpen of gestimuleerd. Dus wie geen uit­gesproken goede band had en geen bewuste inspanning deed om contact te houden, had de andere op de duur niets meer te vertellen. Broers en zussen werden kennissen. Dat wilde ik niet. Mijn zus en ik hebben veel gebeld en gemaild.

‘Ik weet niet of ik er nog zou zijn als mijn zus er niet was’

Josephine

Toch waren er maanden waarin ze elkaar minder hoorden en zagen. ‘Op een keer kreeg ik het bericht dat mijn zus ernstig ziek was. Ik ben meteen naar haar toe kunnen gaan, maar het schuldgevoel was enorm. Waarom was ik er niet voor haar geweest? We voelen ons emotioneel veilig bij ­elkaar en als zoiets wegvalt, wordt het lastig om de moed erin te houden. Een deel van jezelf missen is onbeschrijflijk zwaar.’

‘Er is ons nooit duidelijk uitgelegd waarom mijn zus en ik in aparte voorzieningen moesten wonen. ­Iemand zei ons dat we te hecht ­waren … Is dat erg? Moet je daarvoor gestraft worden op een moment dat je ouders wegvallen?’

‘Mijn zus is eigenlijk mijn moeder’

Josephine

Vandaag zijn Josephine en haar zus jonge twintigers en staan ze op eigen benen. Ze horen elkaar dagelijks, zien elkaar wekelijks. ‘Mijn zus is eigenlijk mijn moeder. Ik kan altijd bij haar terecht, we hebben hetzelfde meegemaakt en we begrijpen elkaar. Mijn ouders zijn op een praktische manier beschikbaar, maar niet emotioneel. Mijn zus wel. Ik weet niet of ik er nog zou zijn als mijn zus er niet was.’

Ontdek het volledige artikel in De Standaard

© foto: Sebastian Steveniers


Bouw mee aan sterke families voor kinderen die niet bij hun ouders kunnen opgroeien.

Word familiebouwer