Ga naar de inhoud

Een ‘trauma-workation’ in de natuur: even weg uit het gewone leven

Geschreven op 3 april 2026

Ruimte
Ruimte om te voelen - Ruimte om te blijven - Ruimte om niet meer alleen te zijn.
Samen met OBC Ter Wende-Espero
SOS Kinderdorpen werkt met OBC Ter Wende-Espero aan dit project dat transgenerationeel trauma doorbreekt door kinderen én ouders samen te ondersteunen. In een groene, rustgevende omgeving neemt een warm team tijdelijk de zorg over, zodat gezinnen ruimte krijgen voor heling, verbinding en groei. 

Geen wachtkamer. Geen wekelijks uurtje therapie, maar dagenlang ondergedompeld worden in zorg, rust en confrontatie. Op een stille plek in de natuur werkt kinder- en jeugdpsychiater Eva Kestens met jongeren die het zwaarste meedragen wat een kind kan meemaken. Hier geen klassieke setting, maar een intensieve week waarin alles draait rond één vraag: durf je het moeilijkste nu écht in de ogen kijken?

“We hebben de afgelopen week samen met een jongere een intensieve traumabehandeling gedaan,” vertelt Eva Kestens. “Ze is zeventien, maar heeft al dingen meegemaakt waar veel mensen hun hele leven niet mee geconfronteerd worden. In een film zou je zeggen dat het overdreven is, maar voor haar is dit gewoon de realiteit.”

Een ‘trauma-workation’: weg uit het gewone leven

Het eerste wat opvalt: deze therapie vindt niet plaats in een therapeutisch centrum, maar midden in de natuur. Geen school, geen afleiding, geen verplichtingen. “We doen dat bewust op een plek die ver weg is van het dagelijks leven,” zegt Kestens. “Zodat huiswerk, verplaatsingen of andere zorgen even wegvallen. Jongeren blijven hier ook slapen. Ze weten: er wordt vandaag niets meer van mij gevraagd. En als het moeilijk wordt, is er iemand.” Die veiligheid blijkt cruciaal. Want wat hier gebeurt, is intens. “We werken twee keer per dag met EMDR,” legt ze uit. “Dat is een traumatherapie. ‘Eye Movement Desensitization and Reprocessing’ is een wetenschappelijk onderbouwde methode voor traumaverwerking. Het helpt de emotionele lading van herinneringen te verminderen, waardoor klachten zoals herbelevingen, angst en nachtmerries afnemen. Daarnaast wisselen we dat af met niet-verbale therapieën: beweging, muziek, relaxatie… En de natuur zelf is eigenlijk een co-therapeut.”

Acht sessies in één week: “Het is nu of nooit”

Waar klassieke therapie vaak één sessie per week voorziet, gebeurt hier alles in een stroomversnelling. “We doen ongeveer acht sessies op één week,” zegt Kestens. “Dat is iets waar je anders acht weken of langer over doet. Maar hier verlies je geen tijd. Je hoeft niet telkens opnieuw te beginnen of af te sluiten. Je bouwt gewoon verder.” En dat maakt een wereld van verschil. “Doordat jongeren zich zo omringd voelen, vinden ze de moed om erdoor te gaan,” zegt ze. “Die therapie is pittig en ontregelend. Maar hier voelen ze: dit is het moment. Het is nu of nooit.” Ze omschrijft het zelf als een soort microklimaat: een afgesloten wereld waarin alles gericht is op herstel. “We kunnen volledig afstemmen op wat iemand op dat moment nodig heeft. Dat is uniek.”

De stille kracht van een hond

Opvallend detail: er loopt ook een hond rond tijdens de therapie. Geen toeval. “Dieren voelen heel goed aan hoe iemand zich voelt,” legt Kestens uit. “Soms is het gemakkelijker om een hond te knuffelen dan een volwassene.” De hond blijkt een natuurlijke regulator. “Op moeilijke momenten komt hij dichter bij je liggen, of legt zijn kop op iemands schoot,” zegt ze. “Of hij doet iets onverwachts, zoals zijn staart achtervolgen. Iets wat de spanning breekt. Dat brengt lucht.” En misschien nog belangrijker: “Een hond leert je om in het nu te zijn.”

De natuur als co-therapeut

De omgeving speelt geen bijrol, maar een actieve rol in het proces. “Als het moeilijk wordt, gaan we wandelen met de hond,” vertelt Kestens. “Dat helpt om te reguleren. De natuur brengt rust, letterlijk en figuurlijk. Jongeren zeggen zelf dat het een verschil maakt.” Die rust werkt ook door op het team. “Voor ons als therapeuten is het ook anders,” zegt ze. “Hier kan je even naar buiten, een wandeling maken, ademen. Dat voel je in de therapie.”

Leren voelen wat je nodig hebt

Misschien nog belangrijker dan de therapie zelf, is wat jongeren hier leren over zichzelf. “We vragen hen vaak: hoe gaat het nu? Wat heb je nodig?” zegt Kestens. “In het begin weten ze dat vaak niet. Maar gaandeweg zie je hen groeien. Ze worden steviger in het aangeven van hun noden.” En daar zit een diepere laag onder: eigenwaarde. “In het begin is er vaak ongemak,” zegt ze. “‘Ben ik dit wel waard?’ Maar stilaan voelen ze: ik mag hier zijn. Mensen maken tijd voor mij. Ik ben het waard dat er voor mij gezorgd wordt.”

Vooruitstrevend, maar nog zeldzaam

Hoewel deze aanpak internationaal al bestaat, is ze in Vlaanderen nog uitzonderlijk. “Ik heb niet de indruk dat dit hier al op grote schaal gebeurt,” zegt Kestens. “In Nederland zie je veel meer vormen van intensieve traumatherapie. Maar hier staan we nog aan het begin.” Toch is de impact duidelijk voelbaar. In een week tijd gebeurt wat anders maanden duurt. Niet omdat het sneller moet, maar omdat het eindelijk de ruimte krijgt.